Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

AMICH0191_0192_42844

Een sage (mondeling), 1964

Hoofdtekst

Weldoenster in Aarschot: geneest kinderen die besmet zijn van bepaalde heiligen.Ge hebt gij onder de jong ook dat ze besmet zijn van de een of andere heilige. Een broer van mij daar wisten ze niet van wat ziekte dat die had. Zo mager en moe. Ze gingen er mee naar Aarschot. En ze moesten een lappeke meebrengen dat hij op zijn bloot lijf gedragen had. En dan leesden ze daarover. En dan ziet die van welke heilige ge besmet zijt en dat is echt waar. Maar ge moet er aan geloven. Dat is een slijtende ziekte die ze een mens op het lijf gooiden. Die boeten moet ge doen op nuchtere maag. En ons moeder heeft dat gedaan wel twee maanden. En nu is dat een boom van een vent. Als wij daar eens niet heen gereden hadden, ge moet daar niet van klappen [maar we waren er wel en hebben dat meegemaakt]. Van Brustem was dat, en van een heilige of vier. En met een jongen van Noorderwijk zijn ze daar ook geweest. Dan moet ge een lapke afgeven en die scheurt dat in vier. En dan heeft die een emmerke wijwater en die begint te lezen. En twee gaan onder en twee niet en die zijn droog he. En een jongen uit Noorderwijk had eens een waterfleuris. En de doktoor had daaraan mismeesterd. En ze zei: 'Ik kan daaraan niet helpen maar ge moet naar een andere doktoor gaan.' En hoe dat ge in uw bed gaat liggen, dat kan ze zeggen. In Aarschot aan 't kerkhof woont die. Dat is een wondermens. Maar in dat mens zit geen kwaads in. Dat is lijk een heks maar dan in 't goed he. En voor dat van Anneke Kent. Dat kinneke was een half jaar. Dat was een van twee maanden. En zo bruin en met rimpels op zijn kop en dat lag zo met zijn benen overeen. Ge moet dat maar eens zeggen, zeg ik. En ons Julie bracht dat zo stillekens aan. Ja, zei Anneke, dat was van vier Heiligen besmet. De Bruine Lievenheer van Leuven, de bedrukte moeder van Brustum en van de heilige pater van Geel.

Beschrijving

Soms kon het gebeuren dat kinderen ziek waren omdat ze besmet waren door een heilige. Een jongetje dat sterk vermagerd was en altijd moe was, bracht men naar een genezeres uit Aarschot. Men moest een lapje stof meebrengen dat het kind op zijn bloot lichaam had gedragen. Het lapje werd in vier stukken gescheurd en overlezen. Dan kon men zeggen door welke heilige het kind was besmet. De lapjes werden vervolgens in een emmertje wijwater gegooid. Twee lapjes bleven drijven en de andere twee gingen onder, maar merkwaardig genoeg waren ze niet nat. Men moest dan ook een boete doen op de nuchtere maag.
Een kindje van zes maanden had een bruine gelaatskleur en had allemaal rimpels op zijn hoofdje. Met dat kindje ging men ook naar die genezeres, waar men te horen kreeg dat het kind door vier heiligen besmet was, o.m. door de Bruine Lievenheer van Leuven, de bedrukte moeder van Brustem en door de heilige pater van Geel.

Bron

A. Michielsen, Leuven, 1964

Commentaar

2.1 Heksen
antwerps (land van herentals)
520
fabulaat

Naam Overig in Tekst

Bruine Lievenheer van Leuven    Bruine Lievenheer van Leuven   

heilige pater van Geel    heilige pater van Geel   

moeder van Brustem    moeder van Brustem   

Naam Locatie in Tekst

Noorderwijk    Noorderwijk   

Plaats van Handelen

Geel    Geel   

Aarschot    Aarschot   

Brustem    Brustem   

Leuven    Leuven