Hoofdtekst
I Maar ge hoorde hier vroeger dan ook van heksen en zo?37 Ja, daar ‘kalde’ (= praatten) ze van voor ons bang te maken.I En wat zeiden ze dan van de heksen?37 Ja, wij waren nog klein, wij geloofden dat, hé.Y Ja. Dat ze konden toveren, zeker.37 Hoe?Y Dat ze konden toveren, de heksen. Wat zeiden ze voor u bang te maken? Dat ze konden toveren?37 Ja.Y Ik weet het niet, hoor.37 En hier in Vroenhoven … Ja, het kanaal is hier gekomen.Y Het is meer de folklore wat haar interesseert. Dat had ik wel gedacht. 37 Ja en weet je wat hier was vroeger, in Vroenhoven? Twee partijen: de groenen ... Nee: de blauwen en de roden. En … de roden hadden een veloclub. Dat weet ik.Y Dat heb ik pa ook al horen zeggen.37 En ze hadden rode mutsen op, rode ‘klakken’ (= petten). Dat weet ik. Ja, hier in de dorpen … Dat is bijna honderd jaar (geleden).
Beschrijving
Vroeger vertelde men allerlei zaken over heksen om de kinderen bang te maken.
Bron
H. Schoefs, Leuven, 1996
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (groot-riemst)
37H 509
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Vroenhoven   
