Hoofdtekst
Beschrijving
Een man wiens huis betoverd was, ging naar de paters van Affligem. De man moest drie opeenvolgende avonden op bedevaart gaan. Toen de man dat deed, hoorde hij luid gedruis en kattengejank. Hij mocht met niemand praten. Na de derde avond was de man van de toverij verlost.
Bron
M. De Groot, Leuven, 1967
Commentaar
oost-vlaams (grens met brabant)
722
fabulaat
Naam Overig in Tekst
paters van Affligem   
Affligem (paters van)   
Naam Locatie in Tekst
Waarbeke   
Plaats van Handelen
Affligem   
