Hoofdtekst
Weerwolf springt op man zijn rug.De weerwolf dat was ook wat in Meir. Dat was zo iet gelijk een groot varken en hij had haar van hier tot ginder. Ik heb hem dikwijls genoeg gezien, maar als ge hem tegenkwaamt, moest er maar ne zakdoek hene goeien, dan trok hem die in stukken kapot. Maar ik heb eens geweten dat hij 's nachts op ne mens zijnen rug sprong. Die mens kon niet thuis geraken en moest heel den nacht gaan. 't Was Suske Smits die daar aan 't Paaike woonde in Meir. En ze zeggen dat dat ne mens was, die een wolfsvel had aangetrokken.
Onderwerp
SINSAG 0801 - Werwolf lässt sich tragen.   
Beschrijving
In Meer liep een weerwolf rond. Die zag eruit als een groot varken met lange haren. Als men de weerwolf tegenkwam, moest men er een zakdoek naar gooien. De wolf trok de zakdoek dan stuk.
De weerwolf zou ’s nachts een keer een voorbijganger op de rug zijn gesprongen. Die man geraakte niet thuis en moest de hele nacht rondlopen.
Men vertelde dat een weerwolf een mens was, die een wolvenvel had aangetrokken.
De weerwolf zou ’s nachts een keer een voorbijganger op de rug zijn gesprongen. Die man geraakte niet thuis en moest de hele nacht rondlopen.
Men vertelde dat een weerwolf een mens was, die een wolvenvel had aangetrokken.
Bron
R. Aertsen, Leuven, 1953
Commentaar
1.6 Weerwolven
antwerps (noorden van de antwerpse kempen)
276
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Hoogstraten   
Plaats van Handelen
Meer   
