Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

WLUYT0022_0023_43845

Een sage (mondeling), 1956

Hoofdtekst

Jef Stoffel vertelde dat en dat moet in Beerse gebeurd zijn, 't schijnt. Dien brandenden scheper kwam veul aan de Halebeek en dan kwam ie onder de zadel van 't peerd zitten en dan zwetten de peerden.Dien brandende scheper moet ne scheper geweest zijn die gelogen had. Die had van nen heer een beurs gevonden en die achtergehouden. Toen zei ie: "Als ik die heb, wil ik eeuwig branden" en ie vloog in brand. En dat was ne schaapherder en die zien ze nouw nog in Halebeek aan de brug, niet aan 't bruggeske op de grote baan maar aan de klein brug in de bossen.

Beschrijving

Jef S. beweerde dat de brandende scheper vaak in de buurt van het bruggetje bij de Halebeek verscheen. Het spook kwam dan onder het zadel van de paarden zitten, waardoor de dieren hevig begonnen te zweten. De brandende scheper was een schaapherder die had verzwegen dat hij een beurs van een heer had gevonden. De herder had gezegd: "Als ik die beurs heb, dan wil ik eeuwig branden". Daarop vloog de schaapherder in brand.

Bron

W. Luyts, Leuven, 1956

Commentaar

1.3 Vuurgeesten
antwerps ('land van turnhout')
15
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Vosselaar    Vosselaar   

Plaats van Handelen

Halebeek    Halebeek