Hoofdtekst
’t Was ook een huishouden en diëne man allemaal zijn beesten sterven! En dat vrouwmens was ook op enige dagen dood! En dan heeft dat hem op zijn dochter gezet en de diee heeft ie in hare kop gekregen en ze is er doof van gebleven! En hij is dan bij de paters gegaan en hij zei tegen de paters: “Ge moet mij helpen want aske mij niet en helpt spring ik hier in de vaart.” En de paters zijn er dan naartoe gegaan. En dat huis kwam er altijd ene die gene goeie naam en had. En de pater zei tegen dat wijveken: “Gij en moet hier niet zijn.” – hij had ’t er op hé – en dan begost dat wijveken te lezen.
Onderwerp
SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   
Beschrijving
Een man wiens dieren allemaal stierven en wiens echtgenote na enkele dagen dood was, was radeloos toen zijn dochter een ziekte in het hoofd kreeg, waarvan ze doof werd. De man ging te rade bij de paters, die zeiden: “Bij jou komt altijd iemand met een slechte naam op bezoek”. Tot dat vrouwtje sprak de pater: “Jij moet hier niet komen”. Daarna begon het vrouwtje te bidden.
Bron
M. Van Der Linden, Leuven, 1964
Commentaar
2.1 Heksen
oost-vlaams (denderstreek)
334
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Steenhuize-Wijnhuize   
