Hoofdtekst
Beschrijving
In Scherpenheuvel durfde ’s avonds niemand meer buiten te komen omdat Kladder daar altijd rondliep. Enkele mannen die op een avond terugkwamen van de repetitie van de muziekvereniging, besloten de wacht te houden. Toen ze het gerammel van Kladder hoorden, zetten ze zich schrap en gooiden de plaaggeest in de vesten. Zo ontdekten ze dat de mandenmaker Kladder was.
Bron
C. Vandendries, Leuven, 1984
Commentaar
1.6 Weerwolven
brabants (scherpenheuvel)
9C
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Kladder   
Naam Locatie in Tekst
Scherpenheuvel   
Plaats van Handelen
Scherpenheuvel   
