Hoofdtekst
Beschrijving
Kleudde met zijn keet was een verklede grapjas die achter de mensen aan liep om hen bang te maken. Zo was een farceur in een zaagput gekropen om de meid bang te maken. Toen de farceur zijn schuilplaats verliet, zag hij wat verderop echter nog een andere grapjas met een laken lopen. De meid liep weg voor de eerste farceur, die op zijn beurt wegliep voor de tweede. In die tijd moest een meisje al vijfentwintig jaar zijn vooraleer ze naar een vriend op zoek mocht gaan. Die farceur had dan ook de bedoeling gehad dat meisje een lesje te leren, zodat ze ’s avonds niet meer alleen zou rondlopen.
Bron
E. Tielemans, Leuven, 1978
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
brabants (zuid-west)
33O
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Kleudde met zijn keet   
Kludde met zijn keet   
Naam Locatie in Tekst
Vlezenbeek   

