Hoofdtekst
Mene pa kwam van Vlijtingen af en aan de bemd do kwam enen haas en die liep maar rond hem met e klingerke aan zich. En er zweette van den angst. Die haas volgde 'm altijd en wie (toen) er bij hem kwam, deed er de deur nog eens op [open?], duw zat mech doe ene groten hond met viervlammetige ogen. Die had zich in hond veranderd. Dat was de wèrewolf, zeg.
Onderwerp
SINSAG 0804 - Werwolf nimmt viele Gestalten an.   
Beschrijving
Een man die terugkwam van Vlijtingen, werd bij de beemd gevolgd door een haas met een belletje om de hals. Toen de man thuiskwam en de deur opendeed, was de haas veranderd in een hond met vlammende ogen. Het was een weerwolf.
Bron
W. Jackers, Leuven, 1958
Commentaar
1.6 Weerwolven
limburgs (bilzen)
476
Vader van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Rosmeer   
Plaats van Handelen
Vlijtingen   
