Hoofdtekst
vruger was er in Montenôken e kastiel; en de 2 zounen hadde ruzie duir e metske; en ze gingen op de wei e twiegevecht hâve; en ze ginge vechte; en hun moeder ging op den tôn; en ze vallen alle 2; dan hebbe z’hun geld on de kerk gegeve; en da kastiel is de kerk gewoode; en den tôn is nog altêd dezelfde; da mouge ze noeut afbreke anders zal er iets verschrikkelijk vuirvalle.
Beschrijving
In Montenaken stond vroeger een kasteel. De twee zonen van de kasteelheer hielden een tweegevecht omdat ze verliefd waren op hetzelfde meisje. Tijdens het gevecht stond de moeder op de toren. Omdat de twee zonen allebei stierven tijdens het gevecht, schonk de kasteelheer zijn geld aan de kerk. Daardoor is het kasteel een kerk geworden. De toren mocht men niet afbreken, want anders zou er iets verschrikkelijks gebeuren.
Bron
A. Abeels, Leuven, 1965
Commentaar
4. Historische sagen
limburgs (sint-truiden)
698
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Niel   
Plaats van Handelen
Montenaken   
