Hoofdtekst
Ik heb horen zeggen: dat waren mensen die ’s avonds naar huis gingen en ’t er sprong altijd een katte voor hem. “Gij zijt een schoon mieneken”, zei Peken van “Den Dries” en de katte antwoordegen: “Peken van den Dries, gij zijt een schoon mieneken”. Hij moest ze dragen.
Onderwerp
SINSAG 0603 - Andere Begegnungen mit sprechenden Katzen.
  
Beschrijving
Enkele mensen die ’s avonds naar huis gingen, werden gehinderd door een kat die hen de hele tijd voor de voeten liep. X riep naar de kat: “Jij bent een mooi mieneke”, waarop de kat antwoordde: “X, jij bent een mooi mieneke”. De man moest de kat dragen.
Bron
M. Van Der Linden, Leuven, 1964
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
oost-vlaams (denderstreek)
194
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Voorde   
