Hoofdtekst
Alvermennekes dat waren braaf menskes. En als ge daar iet van woudt gedaan hebben dan legde 's avonds ne boterham goed gesmeerd op tafel met het werk erbij, boterstoten of 't is 't zelfde wat.En dat deden die menskes dan. Maar ge mocht ze nie afzien, want daar was er ene die door de planken zolder 'n gat gemaakt had om te loeren. Maar toen ze binnenkwamen zegde er ene 'Wij moeten eerst 't licht nog uitblazen' en hij blies zijn oog uit. Die zag niks meer.
Onderwerp
SINSAG 0063 - Die hilfsbereiten Zwerge arbeiten in der Nacht für die Menschen für Nahrungsmittel (Tabak, Geld)   
SINSAG 0065 - Zwerge wollen nicht belauert werden   
Beschrijving
De alvermannetjes kwamen 's nachts het werk van de mensen doen in ruil voor een boterham. Toen een man van op zijn zolder de alvermannetjes zat te bespieden, sprak één van de dwergjes: "Wij moeten eerst het licht nog uitblazen". Vervolgens blies het alvermannetje de man een oog uit.
Bron
I. Kenens, Leuven, 1957
Commentaar
1.2 Aardgeesten
limburgs (noord-west)
17
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Hechtel   
