Hoofdtekst
Dat was nog de grootpa van mijn pa, ze waren graan gaan laten malen in Lauw-molen en toen ze over een weike doorkwamen, hoorden ze daar een 'gekeek' van katten en honden, een 'lawijt' van de andere wereld. En het paard kon niet meer voort. Toen zei daar ene: 'Haalt nog een paard bij te Lauw.' - 'Dat is onnodig, zei een andere, daar is toch geen 'moyen' om door te kunnen, het hekst hier. Maar ik heb eens gehoord dat ge op de 'leun' van het rad moet slaan terwijl de paarden trekken, dat helpt tegen de hekserij. Dat deden ze en toen konden ze door.
Onderwerp
SINSAG 0534 - Die dreizehnte Speiche   
Beschrijving
Een boer ging samen met enkele knechten het graan laten malen in Lauw-molen. Toen ze voorbij een weide kwamen, hoorden ze het geschreeuw van katten en honden. Het paard bleef plots stilstaan. Eén van de knechten stelde voor om nog een extra paard te halen in Lauw, maar de anderen wisten dat dat geen zin had wanneer er heksen in het spel waren. Daarom sloegen ze hard op de as van het wiel, terwijl ze het paard lieten trekken. Plots kwamen het dier weer in beweging.
Bron
F. Beckers, Leuven, 1947
Commentaar
2.1 Heksen
zuid-limburgs
Heksen zetten vast: variante 3
Overgrootvader van de informant
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Lauw-molen   
molen (in Lauw)   
Naam Locatie in Tekst
Lauw   
Plaats van Handelen
Lauw   
