Hoofdtekst
e) Ik had familie aan de statie in Poperinge, een weeuwe, een tante. De andere familie van Ieper die vetrinair-inspecteur was, Miel Caestecker, ging soms naar Poperinge als hij op zijn tourné was en als hij moest wachten op den trein sprong hij binnen bij die familie. Wat hem opviel was dat die weeuwe altijd informeerde over de streek en vooral interesse had voor geldzaken. Achterna kwam het uit dat ze verklikster was voor de bende Pollet, want haar naam staat uitdrukkelijk vermeld in ’t proces van de bende Pollet.
Onderwerp
SINSAG 1320 - Andere Räubergeschichten.   
Beschrijving
Een veearts ging vaak op bezoek bij zijn tante wanneer hij bij het station van Poperinge op de trein moest wachten. De tante had altijd bijzonder veel interesse over de gang van zaken in het dorp waar de veearts woonde. Vooral geldzaken wekten haar nieuwsgierigheid. Later heeft men ontdekt dat die vrouw een spionne was, die werkte voor de bende van Pollet.
Bron
K. Erard, Leuven, 1966
Commentaar
4. Historische sagen
west-vlaams (ieper)
33c
fabulaat
Naam Overig in Tekst
bende van Pollet   
Pollet (bende van)   
Naam Locatie in Tekst
Brielen   
Plaats van Handelen
Poperinge   
