Hoofdtekst
Mien dochter’s ne vrijer, die in Ingelmunster weunde, reed ne keer de zundagoavend noa hus en je reed ip doolkrud. Je reed twee euren roend dat ne zwitte, je kende pertank (nochtans) de weug van buten.
Beschrijving
Een jongeman die op zondagavond naar huis reed na een bezoek aan zijn vriendin, reed onderweg over doolkruid. Hoewel de jongen de weg goed kende, reed hij daarna twee uur rond tot hij helemaal bezweet was.
Bron
R. Callens, Leuven, 1968
Commentaar
west-vlaams (tielt en izegem)
332
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Izegem   
