Hoofdtekst
Op Dadizele beweerden ze dat er een kasteel verzonken is dat toebehoorde aan de heren Farken. ’t Is driehonderd tot vierhonderd jaar gelden. Er was een mote van één gemete en half groot. De ingang en de mote en de wallen zijn er nu nog. ’t Is aan de Kleppe in Dadizele. Pastoor Lecluyse (Z.E.H. Gustaaf Delescluze, ° Brugge 1842 - † Kortrijk 1918), Pastoor op de "Kleppe” (Dadizele) 1897-1918) vertelde dat. Ze hebben daar een kapel gebouwd, door een rijke dame betaald.
Beschrijving
Bij de 'Kleppe' in Dadizele zou driehonderd of vierhonderd jaar geleden een kasteel zijn verzonken. Later heeft een rijke dame daar een kapel laten bouwen.
Bron
K. Erard, Leuven, 1966
Commentaar
4. Historische sagen
west-vlaams (ieper)
19
Zestiende of zeventiende eeuw, aldus de informant
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Kleppe (Dadizele)   
Naam Locatie in Tekst
Sint-Jan   
Plaats van Handelen
Kleppe (Dadizele)   
Dadizele   
