Hoofdtekst
48 F Dan zijn d’er daar nog verhalen van, van diezelfde nicht van mij, die haar schoonvader, wacht, ik moet zien dat ik mij niet miszeg, haar schoonvader, haar schoonmoeder was gestorven en haar schoonvader had vrij vlug opnieuw een relatie, hij is hertrouwd met een vrouw die contact had met diezelfde vrouw van Cottem ja? Niemand ja, en mijn nicht, dat was dan zogezegd haar stiefschoonmoeder, krijgt op een zeker dag van haar een plant, ze komt daar een keer en ze zegt: “Angèleken, ik heb u iets mee ze (hoor) een schone plant!” Ze krijgt die plant en ze zet die plant daar,”Allez, merci, bedankt.” Allez ja, ze drinkt dus koffie en al dat daar is en “Van als die plant daar stond,” zegt ze, “kon ik al niet meer slapen ‘s nachts. Ik stond constant op en ik ôt (had) altijd de drang om aan die plant te gaan rieken”. En zegt ze: “Tot op een zekere moment,” zegt ze, maakt haar man haar wakker, zegt hij: “Hoort gij dat niet? Het is gelijk dat er hier iemand loopt.” – “Maar,” zegt ze, “Gij zijt zot jong!” zegt ze, “Dat is niet waar!” “Maar,” zegt ze en dat heeft ze hier nu van de namiddag met man en macht verdedigd, zegt ze: “Maar met man en macht verdedig ik dat, ik zou dat tegen de paus zeggen, tegen de koning en tegen om ‘t even wie: onze wekker,” zegt ze, “dat verschoof wel twee meter om en weer!”I -Hé? Die zag dat? 48 -Ja, ja, die zagen dus hun wekker dat schoof dus een keer of drie om en weer en dat was gedaan. En dat hebben ze dus een nacht of vijf zes ondervonden, bij zoverre dat ze die wekker ergens buiten of in de vuilbak gesmeten hebben, dat weet ik niet goed meer, en dan begon dat enkele dagen daarna met hun nachtkastje.II -Dat ook verschoof?48 -Dat verschoof, maar geen meters, maar dat, kijk, zegt ze, ze heeft dat hier nog allemaal, “Kijk,” zegt ze, “ik krijg er berekoud van”, zegt ze: “Dat verschoof ’s nachts”, dus zij hoorde altijd een lawaai gelijk of dat er iemand onzichtbaar in hun kamer was die iets verschoof. En dat was dan dat nachttafeltje. En uiteindelijk zijn ze dan ook met haar man de paters een keer gaan halen, ze zijn met twee geweest en ze hebben dat allemaal afgestudeerd en gevraagd en gedaan en wat weet ik allemaal, zegt hij die pater: “Hebt gij zo niets dat ge een keer gekregen hebt of dat ge een keer gewonnen hebt of dat ge een keer...?” – “Neen,” zegt ze, “Niets, niets, niets. Allez,” zegt ze, “niets”. Totdat haar man zegt “Ah, het enigste”zegt hij, “ja, ah kijk die plant die daar staat” en dan hebben de paters haar gezegd: “Pakt die plant, giet er benzine op, steekt ze in brand, maar liefst ver van uw huis”. Ze hebben dat gedaan en ze hebben nooit niets meer gehoord dat verschoof. Nooit niet meer, dat was gedaan.II -En wanneer is dat gebeurd thuns (dan)?48 -Dat is gebeurd, ze is nu, ze is euh, wacht ze zijn 35 jaar getrouwd, want ze was al rond de dertig als ze trouwde, ze zijn 35 jaar getrouwd ...46 -64.48 -Dat moet zo gebeurd zijn dat ze misschien toch in het begin getrouwd was, want ze hebben tien jaar zonder kinderen geweest.46 -In de jaren ‘60.48 -Ongeveer moet dat zoiets geweest zijn.II -En was dat ook op Cottem?48 -Dat was op Houtem.II -Op Houtem.48 -Maar zij ging dus nog dagelijks naar haar thuis, naar Cottem en dagelijks passeerde ze daar.II -Maar Cottem, is dat nu bij Houtem of is er een stuk bij Zottegem? Of hoe zit dat?48 - ‘t Is Houtem, ik denk dat het Oombergen is, euh, II -Maar Oombergen is ...48 -Houtem peins ik, euh, ‘t is Houtem peins ik, Cottem is Houtem.II -Maar Oombergen is bij Zottegem.48 -Deels, euh, deels, maar ik denk dat dat ... ik denk, ik denk dat ja, dat het misschien deels Zottegem is, dat weet ik niet, dat het grenst, het kan de grens zijn, ik weet het niet. (Informante 46 beïnvloedde informante 48 om te zeggen dat het verhaal zich op Zottegem had afgespeeld. Omdat ik tijdens het vorige interview gezegd had dat ik enkel mensen uit Groot-Zottegem zelf mocht interviewen, dachten zij dat ik enkel verhalen die zich ook daadwerkelijk in Zottegem hadden afgespeeld, mocht opnemen.)
Onderwerp
SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   
Beschrijving
Een vrouw uit Houtem had van een bezoekster een plant gekregen. Sinds die plant in huis was, kon de vrouw ’s nachts niet meer slapen. Ze had altijd de drang om aan de plant te gaan ruiken. Op een nacht meende de echtgenoot van de vrouw ’s nachts iemand in huis te horen lopen. Vijf of zes opeenvolgende nachten zag de vrouw hoe de wekker wel twee meter heen en weer bewoog. Uiteindelijk heeft men die wekker weggegooid. De volgende nacht gebeurde hetzelfde met het nachttafeltje. Het leek wel alsof een onzichtbare persoon het tafeltje verschoof. De man en de vrouw zijn naar de paters geweest. Twee paters kwamen ter plaatse en vroegen de mensen of ze ooit iets hadden gekregen of gewonnen. De man dacht aan de plant en vertelde de paters dat die plant hen door een bezoekster was geschonken. Daarop spraken de paters: “Gooi benzine op die plant en steek hem ver van je huis in brand”.
Bron
C. De Winne, Leuven, 1999
Commentaar
2.1 Heksen
oost-vlaams (groot-zottegem)
48F
Jaren zestig van de twintigste eeuw, aldus de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Zottegem   
Plaats van Handelen
Houtem   
