Hoofdtekst
Er was ne keer nen koeier die vroeg an nen Dutsken skoaper oem mee te goan achter een ves himde noa Dutsland. Je mochte mee mo je mochte niet spreken. Tegen den oavend giengen ze bachten de skeure. De skoaper stampte twee keren ip de grond en er kwamen twee witte geiten of. Ze kropen elk ip ene en ze waren weg. De koeier kost het niet meer heerden (uitstaan) en vroeg: “Is het nog verre?” en je viel direct in ’t water.
Beschrijving
Een koewachter vroeg aan een Duitse schaper of hij 's avonds eens mee naar huis mocht vliegen om een schoon hemd aan te trekken. De schaper stemde toe, maar drukte de koewachter op het hart dat hij niet mocht spreken. Die avond vlogen de koewachter en de Duitse schaper elk op een geit naar huis. De koewachter kon zich echter niet bedwingen en vroeg: "Is het nog ver?" Daarop viel de koewachter in het water.
Bron
R. Callens, Leuven, 1968
Commentaar
2.2 Tovenaars
west-vlaams (tielt en izegem)
42
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Izegem   
