Hoofdtekst
Wol van het kussen groeit vast in behekst kind.In 't dorp ook is er een huishouden en die hadden een kind in de wieg. Dat was ook een die leurde. "Madame, hebt ge iets nodig?" zei die. "Nee", zei die moeder zo een beetje mismoedig. "Daar is iets zeker?" zei die. "Neet", zei de moeder. "Jawel, die daar in de wieg ligt, die is ziek", zei die. En ze gingen zien en de wol in 't kussen dat was precies een pagoestaart en de andere wol dat was in dat kinneke aan 't groeien. En toen hadden ze dat verbrand. En als 't een blauwe vlam was, dan kost dat genezen, en als 't 'een witte was niet. En 't was een witte en dat stierf.
Onderwerp
SINSAG 0486 - Andere Todesvorzeichen.   
Beschrijving
In een huis waar een ziek kindje in de wieg lag, kreeg men bezoek van een leurster. De moeder vertelde aan de leurster dat ze een kindje had, dat ziek was. De leurster kwam kijken en zag dat de wol in het hoofdkussen van het kind op een staart leek. De andere wol was in het kind aan het groeien. De leurster gaf de moeder de raad om de wol te verbranden. Als er daarbij een blauwe vlam ontstond, zou het kind genezen. Was de vlam wit, dan zou het kind sterven. De vlam was wit en het kind overleefde het niet.
Bron
A. Michielsen, Leuven, 1964
Commentaar
2.1 Heksen
antwerps (land van herentals)
381
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Herenthout   
