Hoofdtekst
‘k En hoord van een van Werken, otten ’s navonds nor huus ging, tusschen Klerken en Houthulst, dat wos oltijd: "’k Ej haast! (ik heb je bijna) ‘k Ej haast!" Otten de klinke van de deure vaste hadde zeiten zelve: "Ej m’haast, pak me!" en die deure wos glad (rats) of gesmeten. Enn’hoorde dadde van o datten up zijn groendgebied kwam. Dat wos toen te doene.
Beschrijving
Een man uit Werken maakte 's avonds altijd iets vreemds mee wanneer hij naar huis ging. Tussen Klerken en Houthulst hoorde de man een stem roepen: "Ik heb je haast! Ik heb je haast!" Zodra de man bij zijn deurklink was, zei hij bij zichzelf: "Als je me bijna hebt, pak me dan!"
Bron
S. Top, Leuven, 1964
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (vrijbos)
154E
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Zarren   
Plaats van Handelen
Klerken   
Houthulst   
Werken   
