Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

MDREE0210_0211_2302 - Zilveren beker achtergelaten wegens het uitspreken van Gods naam; teruggedragen naar Maastricht

Een sage (mondeling), 1967

Hoofdtekst

In Sluizen op Broek dansten vroeger heksen. Mijne pa was toen boregemeester en de gendäreme kwamen hier om twalef, één uur kloppen, dan moester opendoen omdat ze hunne pas moesten laten tekenen dat ze hier gewees(t) waren in Nerem. Doa komt enen aa mins (= oude mens) van boven af gepermeneerd (= gewandeld) en die riep: 'op Broek in Slauze (= Sluizen) zijn de heksen aan 't dansen rond ene boom hand in hand, wel twintig, dattig (= dertig)!' Ja, en we hoorden ze ook tot hier zingen en kèke (= roepen). Doa kwam ene man door wa uit de herebereg kwam, die was half zat en die ging noa de heksen. Toen kwam een van die heksen - dat waren allemaal rijke juffrouwen - bij met ene beker met wijn in voor hem laten te drinken; hij nam hem aan en in e plak van te zeggen: 'op oer gezondheid!' zeiter: 'God zengel oech allemaal!' (= God zegene U allemaal!) Op eens waren de heksen allemaal weg en he zag geen niemee. En he stond doa alleen, met ene zilvere beker in zen haan (= handen) en he dach(t): 'ich gon hem met thuisnemen, wie weet wa dat jaad (= waard) is.' 's Möreges bij klaren dag kikter ternoa en doa stond in gouwe (= gouden) letters ene naam op van één van die heksen, dat was een van Maastrich(t). - 'Non de pie! ich gon hem terugdragen ! wie weet wa ze mich geven as beloning!' En he gaat noa Maastrich(t), en doa noa die juffrouw gevraag(d). Hij is dan tenslotte bij haar aan(ge)komen en he klopte. De maagd (= meid) kwam uit en he vroeg haar: - 'Is die juffrouw nie hier? Mag ich h'r nie eens spreken?' 'Nein' zei de meid. - 'Och jawel, zei de man, ich heb hier iet voor haar.' Toen kwam ze toch. - 'Ich heb iet voor oech (= U), wa zje mich de nach(t) gegeven he(b)t.' De juffrouw nam haar hand en sloeg de man in 't schoonste van ze gezich(t) dat het vuur uit zijn ogen kwam en ze stiet de deur toe en de man kon gaan! Hij kwam thuis, - 'weet zje wa ich (ge)kregen heb?' zeiter tegen zijn vrouw. - 'Wie weet wèveul gulle (= hoeveel gulden)!' - 'Ene fereme (= flinke) slag in me gezich(t) ja!, zei de man, as ich dat geweten had was ich potverdikke nie gegaan!'

Onderwerp

SINSAG 0502 - Der goldene (silberne) Becher.    SINSAG 0502 - Der goldene (silberne) Becher.   

Beschrijving

Een dronkaard die terugkwam van de herberg, zag in het Broek van Sluizen rijke juffrouwen dansen. Toen één van de heksen de man een beker met wijn aanbood, nam de dronkaard de beker aan en zei: "God zegene u allemaal!" Het volgende ogenblik waren alle heksen verdwenen. Omdat de man alleen in de weide was achtergebleven, besloot hij de beker mee naar huis te nemen. De volgende ochtend zag de man echter dat het een gouden beker was en dat de naam van één van de heksen er in stond. Het was een heks uit Maastricht. Daarop besloot de man de beker terug te brengen in de hoop een mooie beloning te zullen krijgen. Toen de man aankwam in Maastricht, beweerde de meid van de vrouw dat haar bazin niet thuis was. Na lang aandringen werd de man toch binnengelaten. Nadat de heks haar gouden beker in ontvangst had genomen, gaf ze de man een flinke klap in zijn gezicht. "Als ik dat had geweten, dan was ik er verdomme nooit naartoe geweest!", zei de man achteraf tegen zijn vrouw.

Bron

M. Dreezen, Leuven, 1967

Commentaar

2.1 Heksen
limburgs (tongeren en omstreken)
563
memoraat

Naam Locatie in Tekst

Nerem    Nerem   

Plaats van Handelen

Broek (Sluizen)    Broek (Sluizen)   

Sluizen    Sluizen   

Maastricht    Maastricht