Hoofdtekst
Er zitten dertig Belgen en één Nederlander in een vliegtuig. Plotseling valt de hele onderkant van het vliegtuig weg. Iedereen houdt zich vast aan de bagagerekken boven zich.
De piloot, die het vliegtuig met moeite in de lucht kan houden, roept: "Ik kan het vliegtuig en de passagiers redden, maar het vliegtuig is te zwaar beladen. Eén persoon zal zich moeten opofferen."
Na een tijdje te hebben nagedacht, zegt de Nederlander: "Ik heb een mooi leven gehad, ik offer me wel op. Ik zal me in zee laten vallen."
Voor dit moedige voornemen krijgt hij van de dertig Belgen een daverend applaus.
(Adjiedj Bakas & Hetty van Wolde: Gluren bij de buren. Humor en diversiteit. Lelystad 1997, p.20)
De piloot, die het vliegtuig met moeite in de lucht kan houden, roept: "Ik kan het vliegtuig en de passagiers redden, maar het vliegtuig is te zwaar beladen. Eén persoon zal zich moeten opofferen."
Na een tijdje te hebben nagedacht, zegt de Nederlander: "Ik heb een mooi leven gehad, ik offer me wel op. Ik zal me in zee laten vallen."
Voor dit moedige voornemen krijgt hij van de dertig Belgen een daverend applaus.
(Adjiedj Bakas & Hetty van Wolde: Gluren bij de buren. Humor en diversiteit. Lelystad 1997, p.20)
Beschrijving
De bodem valt uit een vliegtuig en het toestel driegt neer te storten. Iedereen houdt zich vast aan de bagagerekken. Iemand moet springen vanwege het gewicht. De Nederlander verklaart zich bereid. De Belgen applaudiseren en vallen naar beneden.
Bron
Adjiedj Bakas & Hetty van Wolde: Gluren bij de buren. Humor en diversiteit. Lelystad 1997, p.20
Commentaar
1997
Naam Overig in Tekst
Belgen   
Nederlander   
Datum Invoer
2013-03-01 14:46:20
