Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

CDEWI0772_0773_32336

Een sage (mondeling), woensdag 10 juni 1998

Hoofdtekst

34 B’’-Maar van een weerwolf ik peins dat ge daar moet wreed schou van zijn. Zouden zij u niet aan ‘t gat gaan (aanvallen)?Do -Weerwolf?II -Dat is ook een vertelseltje.34 -Nee, nee, maar ge hebt er zo van die wolven. Dat ge moet schou zijn van die wolven. (ironisch)Do -Julia.34 -ja, ja, ik geloof dat allemaal.33 -Maar ze hebben anders niet gedaan of de mensen leugens wijsgemaakt.I -Maar werd dat niet zo verteld dat er mensen veranderden in een wolf, op bepaalde tijden zo, wierd dat hier niet verteld?34 -Dat wierd hij verteld, maar dat waren vertelseltjes allemaal hé.II -Bij volle maan.34 -Die een beetje lichtgelovig was kon ge alles wijsmaken.Do - ‘t Is dat dat hij zegt hé.

Beschrijving

Vroeger maakte men de mensen bang met verhalen over weerwolven.

Bron

C. De Winne, Leuven, 1999

Commentaar

1.6 Weerwolven
oost-vlaams (groot-zottegem)
34B'
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Grotenberge    Grotenberge