Hoofdtekst
Van 'Metsjepatershagen'... doa is een heks verbjand gewees(t), op de 'kooie bereg' doa stonden hagen, doa hebben ze mjotseme (= mutserds) gemaak(t) gehad en doa hebben ze ene grote ketel gezatte gehad en doa stookten ze onder. En de heks kwam zien, en hoep! doa hadden ze ze de ketel ingestoten, toen was ze verbjand geweest. Aan Martin H. zijne notehof, doa!
Beschrijving
Bij de notentuin van Martin H. aan 'Metjepatershagen had men een grote kookpot gezet, waaronder een vuurtje werd gestookt. De kookpot had men omringd met mutsaarden. Zodra de heks kwam kijken, werd ze in het kokend water geduwd.
Bron
M. Dreezen, Leuven, 1967
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (tongeren en omstreken)
843
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Martin H.   
Naam Locatie in Tekst
Millen   
Plaats van Handelen
Metje Paters Hagen   
