Hoofdtekst
Die moest het alleen dragen, klein of groot! Ochgod, dat heb ik mijn vader zaliger HON-DER-DEN keren horen vertellen. Want zij gingen ook bedevaart, ik weet niet waar ze heen gingen, maar dat was ook om een belofte te volbrengen. 'Staf' zei hij 'en ik ga mee' en hij hier tegen vader zaliger: 'Jong, gij gaat ook mee. Wij gaan een plicht volbrengen want heel in 't kort hebt ge hier uiterste ambras, dat het u niet meer gerust laat in uw huis.' En ze gingen bij peet 's morgens vroeg. Ze maakten een kruis en ze gingen buiten en gelijk ge zegt: een stok langs de deur gezet en géén één van hen pakte die stok vast en toen zei peet: 'Nu gaat gij voorop en wij komen u na.' Maar vergat ge dat te zeggen - gij moet vooropgaan - ge kondt op 't laatste niet meer pap zeggen. U neerzetten en ge hadt geen adem niet meer. Dan moest ge van alleen teruggaan.
Onderwerp
SINSAG 0402 - Die versäumte Wallfahrt (Messe, Gabe)   
Beschrijving
Enkele mensen gingen op bedevaart om een dode te verlossen, die een belofte niet was nagekomen. Vóór het vertrek zetten de mensen een stok tegen de muur en spraken tot het spook: "Nu ga jij voorop en wij komen je achterna". Wie dat vergat te zeggen, was doodmoe bij de aankomst op de bedevaartplaats.
Bron
W. Achten, Leuven, 1971
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
midden-limburgs
r
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Diepenbeek   
