Hoofdtekst
Ich heb eens krampen in mij been gehad, dat was de maar wa in mij been zat. Maar ich heb sunligzeep (= Sunlightzeep) in mij(n) bed geleg(d) en toen was het gedaan.
Onderwerp
SINSAG 0291 - Mensch von Mahr beritten   
Beschrijving
Een man was drie nachten geplaagd door de maar. De eerste keer kon de man niet meer bewegen omdat er iemand met een dolk op hem afkwam. Een andere keer stond de man op een muur die in het water was gebouwd. Toen de man op zijn knieën ging zitten, vielen alle bakstenen uit de muur. De derde keer kreeg de man een benauwd gevoel omdat er een oude vrouw op hem lag, die met haar vieze haren in zijn gezicht schudde. De man was elke keer bezweet wakker geworden omdat de maar hem zo bang had gemaakt.
Bron
M. Dreezen, Leuven, 1967
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
limburgs (tongeren en omstreken)
254
memoraat
Naam Locatie in Tekst
Tongeren   
