Hoofdtekst
Thuizend als ’t bron, kapelaan Brats, de kapelaan kroop op de lere en hij zat bovenop ’t dak, en de vlagge sloeg om zijn rik, en de wind keerde binst dat’n op’t dak zat. Mijn moeder ging erbij, bij de kapelaan al krijschen. “Al die brandt, gaat blijven bran’n” en de scheure heeft blijven staan.
Onderwerp
SINSAG 0750 - Andere Zauberei.   
Beschrijving
Toen in een dorp een huis in brand stond, klom de kapelaan op het dak en riep: "Al wat brandt, zal blijven branden". Even later draaide de wind, waardoor de rest van het huis gespaard bleef.
Bron
A.-M. Devynck, Leuven, 1965
Commentaar
2.2 Tovenaars
west-vlaams (franse grens)
477
memoraat
Naam Locatie in Tekst
Houtkerke   
