Registratie zal enige tijd duren. Deze functie is in ontwikkeling.

KERAR0224_0224_16813 - De Mare

Een sage (mondeling), 1966

Hoofdtekst

De mare, ’t was, ’t waren der die zeien ’t is een vrouwmens die op ie duwt, je zijt lijk tenden (uitgeput), je had geen asem meer. Maar met de name te roepen ’t was gedaan.

Onderwerp

SINSAG 0291 - Mensch von Mahr beritten    SINSAG 0291 - Mensch von Mahr beritten   

Beschrijving

De maar was een vrouw die op haar slachtoffers ging zitten, waardoor ze niet meer konden ademen. Zodra men de naam van het slachtoffer had geroepen, was de maar verdwenen.

Bron

K. Erard, Leuven, 1966

Commentaar

1.5 Plaaggeesten
west-vlaams (ieper)
11
fabulaat

Naam Locatie in Tekst

Voormezele    Voormezele