Hoofdtekst
In de brouwerij van Bedeuil (= Widooie) vroeger, konden ze gene knech(t) houden. Doa was altijd een zwatte kat 's nach(t)s voor hen te verschrikken of te verbjanne. Toen kwam doa weer ene en toen zei de vrouw: 'die zou ook wel aankomen wei zijn voorgangers!' - 'da's nie waar' zeiter, mè die wis(t) zo omtrent wanneer dat ze kwam. Die zwatte kat kwam aan e koet (= gat) in. Mè hij had water laten koken en he had twee ketels heet water vjaardig gezatte (= klaargezet) en 'ich zal ze hebben' zeiter; en toen kwam ze en hij goot haar het kokend water op e kop. 's Moreges wei de man opstond was zijn vrouw heel verbjand neven hem in 't bed. Die vrouw verbjandde haar eigen knechten en ze deed dat as kat, mè de man wis(t) dat nie, wor!
Onderwerp
SINSAG 0622 - Die verzauberte Mühle (Brauerei)   
Beschrijving
In een brouwerij in Widooie wilde geen enkele knecht blijven werken; allemaal werden ze 's nachts immers geplaagd door een zwarte kat die hen deed schrikken of hen verbrandde. Toen de brouwer weer een nieuwe knecht in dienst had genomen, sprak zijn vrouw: "Die zal ook weer niet lang blijven!" De knecht had de verhalen over de zwarte kat echter gehoord. Zodra het dier 's nachts langs een klein gat naar binnen sloop, goot de knecht kokend water over de kat. De volgende ochtend lag de vrouw van de brouwer helemaal verbrand in bed.
Bron
M. Dreezen, Leuven, 1967
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (tongeren en omstreken)
779
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Widooie   
Plaats van Handelen
Widooie   
