Hoofdtekst
Vermeiren hoordegen op den “Bosberg” in dat baantjen een veulen achter hem lopen, en die mens werd schouw (bang) – ah ja, ze wisten dat dat in diënen tijd allemaal bestond hé, en hij aan ’t lopen en dat veulen achter hem maar gespen (hard lopen)! En hij pakt een ladder, trekt ’t schelf boven en hij en ziet niet nimmer!
Onderwerp
SINSAG 0333 - Spuktier erschreckt Wanderer (und begleitet ihn).   
Beschrijving
Een man hoorde op de Bosberg een veulen achter zich lopen. De man werd bang en begon te rennen, maar het veulen volgde hem nog steeds. Ten einde raad kroop de man langs een ladder op een schelf. Daarna zag hij het veulen niet meer.
Bron
M. Van Der Linden, Leuven, 1964
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
oost-vlaams (denderstreek)
211
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Ophasselt   
Plaats van Handelen
Bosberg   
