Hoofdtekst
C. Jan heeft altijd bij de katten moeten slapen.Die (zijn vrouw Mina) was 's nachts altijd heksen en C. Jan zijn bed zat vol katten. - Juul: Op een manier was ik vies van dat wijf. Die katten sprongen achter aan haar op hè. En als ze aan het eten was, op die schouder had ze een kat zitten en op die ook een. Nondedjie de nondedjie, dat was me wat!
Onderwerp
SINSAG 0608 - Andere Begegnungen mit Hexentieren.
  
Beschrijving
Jan C. vond 's avonds altijd katten in zijn bed wanneer zijn vrouw Mina als heks op pad was.
Bron
W. Achten, Leuven, 1971
Commentaar
2.1 Heksen
midden-limburgs
j
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Mina   
Jan C.   
Naam Locatie in Tekst
Genk   
