Hoofdtekst
ê dô, was ene mins, dee is ne kie duir ne weerwolf achtervolgd geweest; en hem hei achter hem geloeupe tot thâs; en hem hâ zoe ne schrik dat hem ervan gestörven is.
Beschrijving
Een man die tot aan zijn huis door een weerwolf was achtervolgd, werd ziek en stierf.
Bron
A. Abeels, Leuven, 1965
Commentaar
1.6 Weerwolven
limburgs (sint-truiden)
631
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Muizen   
