Hoofdtekst
Mien voader en moeder vertelden dikkers dat ’t vele verkeerde toe Boone’s. Het wos een schaapshofstee. Ze zeien dat de schoapen dansten boven ip hunder kot. Binst da dee schoaper doa wos, kwam olles in gank ip het hof: de koeien, de schoapen, de peerden. De peerden zwitten ’s nuchtends van ’t werken en lopen.
Beschrijving
Op een schapenhoeve in Emelgem spookte het. Men kon de schapen er soms op hun hok zien dansen. Wanneer de schaapherder daar in de buurt was, waren de koeien, de schapen en de paarden heel onrustig. De paarden waren 's ochtends helemaal bezweet omdat ze zoveel hadden gelopen.
Bron
H. Van Wassenhove, Leuven, 1967
Commentaar
2.3 Toverboeken
west-vlaams (groot-roeselare)
252
Ouders van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Emelgem   
Plaats van Handelen
Emelgem   
