Hoofdtekst
Beschrijving
Een pasgetrouwde man die bij de abdij woonde, ging op een avond even naar buiten. Achter de muur zag hij een vrouw verschijnen, die hem met een strakke blik aankeek en vervolgens wegging. De volgende nacht verscheen de vrouw daar opnieuw. De man lag te zweten in zijn bed en stierf bijna. Hij hoorde ook lawaai, terwijl zijn vrouw niets hoorde. Op een nacht besloot men wakker te blijven. Om twee uur verscheen de heks daar weer. De deuren sloegen open en dicht en de man lag te zweten. De vrouw is dan naar het klooster geweest en heeft een pater laten komen. Nadat de geestelijke de man had overlezen, had hij geen problemen meer.
Bron
G. Van Loock, Leuven, 1957
Commentaar
2.1 Heksen
antwerps (mol - dessel - retie)
319
Grootvader van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Postel   
