Hoofdtekst
Naar Brussel in de wijnkelder.Ik heb vroeger achttien jaar de kampagne (seizoenarbeid) van de betteraven (bieten) in Frankrijk gedaan. Dicht bij ’t hof waar dat we werkten was er een café. Ze verkochten daar ook toebak (tabak). Op ne zekeren dag vroeg den baas van die café hoe dat we den burgemeester van Brussel kenden. We zeiden van nee want we woonden wel acht negen uren van Brussel. “Ewel,” zei hij, “daar in de kelder van die burgemeester heb ik van leven veel wijn gedronken als we daar ’s nachts samenkwamen en op een uurke was ik ginder. “Dat moet ook ne framasson geweest zijn want die gasten vlogen door de lucht.”
Beschrijving
Een man die in de bietenvelden in Frankrijk werkte, ging vaak naar een café waar ook tabak werd verkocht. Op zekere dag vroeg de cafébaas aan de seizoenarbeiders of ze de burgemeester van Brussel kenden. Omdat de mannen een heel eind van Brussel woonden, zeiden ze dat ze de burgemeester niet kenden. Daarop vervolgde de cafébaas: “In de kelder van die burgemeester heb ik in mijn leven al veel wijn gedronken tijdens nachtelijke bijeenkomsten. Op een uurtje was ik in Brussel”. Die cafébaas moet een framasson zijn geweest, die door de lucht naar zijn vergaderplaats vloog.
Bron
P. Henderickx, Leuven, 1959
Commentaar
3.2 Vrijmetselaars
oost-vlaams (tussen schelde en dender)
36
memoraat
Naam Locatie in Tekst
Oordegem   
Plaats van Handelen
Brussel   
Frankrijk   
