Hoofdtekst
Bij nachte, me vader begoste dromen en zuk indelijkse (buitengewone) lelijke schreeuwen geven, dat me moeder wakker kwam ervan. Maar van als ze zij ze name gezeid hadde, ’t was gedaan. Z’hoorde den helft van tijd lijk entwat ruttelen in de schoen of kloefen onder ’t bedde en z’heeft toen gezeid geweest da ze z’alzo nie mee mocht onder ’t bedde steken, da ze ze moste met d’hielen onder ’t bedde steken. ’t Heeft een moment meigegaan en ’t heeft toen achtergebleven.
Onderwerp
SINSAG 0291 - Mensch von Mahr beritten   
Beschrijving
Een man begon 's nachts in zijn slaap luid te schreeuwen, zodat zijn echtgenote hem moest wakker maken. Zodra de vrouw de naam van de man had genoemd, stopte de man met schreeuwen. Nadat de man zijn klompen met de hielen onder zijn bed had gezet, werd hij niet meer door de maar bereden.
Bron
K. Erard, Leuven, 1966
Commentaar
1.5 Plaaggeesten
west-vlaams (ieper)
2
Vader van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Voormezele   
