Hoofdtekst
Ja, ‘k heb nog geweten no (te) Koedypre, ’t bron (brandde) daar een hofstee en de paster heeft een ketje (ketentje) gesmeten derover en dat heeft afgebronnen tot aan den keten. En hij zei: “’t en gaat niet meer branden voor 100 jaar en nog”. Maar wuk dat dien “nog” is, je weet het niet. ’t Kut 1000 jaar zijn.
Onderwerp
SINSAG 0750 - Andere Zauberei.   
Beschrijving
Toen in een dorp een boerderij in brand stond, gooide de pastoor een ketting op het gebouw. De vlammen kwamen niet verder dan de plaats waar het kettingkje lag.
Bron
A.-M. Devynck, Leuven, 1965
Commentaar
2.2 Tovenaars
west-vlaams (franse grens)
479
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Herzele   
