Hoofdtekst
Ich höb ene naef gehad dae hauw e beukske. Dae deeg waat er wol. Mie broor dae is in ’t kloester gestorve, dae sleep biej hem. Dow zaet er zoe: "Es ich wol dan deeg ich de hiel nach danse, maa ich doon dat neet omdaste familie van mich bès". Dow meusj er in Ophuove komme en ich geluif dat de pestoer hem tervan afgeholpen haef.
Onderwerp
SINSAG 0753 - Zaubermacht gebrochen; Geistlicher verbrennt Zauberbuch.   
Beschrijving
Een man die een toverboekje bezat, sprak tot zijn broer: "Als ik wilde, dan kon ik je de hele nacht laten dansen. Ik doe dat niet omdat je familie van mij bent". Uiteindelijk heeft de pastoor van Ophoven de man zijn toverboekje afgenomen.
Bron
J. Venken, Leuven, 1968
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (maasvallei)
444
Neef van de informant
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Mulhem (Lanklaar)   
Plaats van Handelen
Ophoven   
