Hoofdtekst
Aan ’t huus van Lieske Putte woaren der twee pilarkes an den ingang. En ’t passeerden do ne keer minsen die no de messe gingen, en ip dat ene pilaarke zat er een witte katte, en os ze werekeerden wos ’t een zworte. Dee katte wos zwort gekomen. En grote minsen zelfs en dosten do niet meer passeren.
Beschrijving
Enkele mensen die naar de mis gingen, zagen onderweg op een pilaar bij een huis een witte kat zitten. Toen de mensen terugkwamen van de mis, was het dier in een zwarte kat veranderd. Zelfs volwassenen waren te bang om voorbij die plaats te wandelen.
Bron
H. Van Wassenhove, Leuven, 1967
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (groot-roeselare)
87
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Rollegem-Kapelle   
