Hoofdtekst
Oej azo wist dass’in hus was, ton dei je verzichtig jen rieng of en je lei hem oender heur stoel en ton kost ze nie buten hé. ‘k Woaren van plan van dat te doen oesse (als ze) mien die stuk (stoot) do gegeven had, je weel wel (uit vroeger verhaal), mo ‘k durfden ton nie. Want had ze daar gezeten, dan had ik nog meer schrik ‘had. En de toveressen droegen dat over an under oedste dochter hé.
Beschrijving
Als men wist dat er een tovenares in huis zat, dan moest men zijn trouwring uittrekken en die onder de stoel van de heks leggen. Bij hun dood gaven tovenaressen hun toverkracht door aan hun dochter.
Bron
L. Cumps, Leuven, 1965
Commentaar
2.1 Heksen
west-vlaams (z van brugge)
344
memoraat
Naam Locatie in Tekst
Zedelgem   
