Hoofdtekst
Maurice Gevaert weunde in Torhout overn travèrs. En ’s nachts, otten uutging, enne moste gon dienen voor e plage nor Sint-Joris-ten-Distel. En ieder keer lansen de weg otten ging, die zworte katte kwam achter. En ‘k zein ik tegen hem: "Petje, ej z’’ten gegeven; want z’e groten hoenger, ’t is dorom dat z’achterkomt." En ommèkeer die katte stoend stille en je stoend hij toen ook stille. Je koste hij toen ook niet weg.
Onderwerp
SINSAG 0333 - Spuktier erschreckt Wanderer (und begleitet ihn).   
Beschrijving
Een man uit Torhout die 's nachts naar Sint-Joris-ten-Distel ging, werd gevolgd door een zwarte kat. Op zeker ogenblik sprak de echtgenote van die man: "Heb je die kat eten gegeven? Ik denk dat ze honger heeft". Daarop bleef de kat plots stilstaan. Op dat ogenblik kon de man zelf ook geen voet meer verzetten.
Bron
S. Top, Leuven, 1964
Commentaar
1.4 Luchtgeesten
west-vlaams (vrijbos)
169B
memoraat
Naam Overig in Tekst
Maurice Gevaert   
Naam Locatie in Tekst
Gits   
Plaats van Handelen
Sint-Joris-ten-Distel   
Torhout   
