Hoofdtekst
En dat he’k nog geweten in de kasteelhoek op ’t kasteelhof. Da was een tempeliershof. Ewel ja, ‘t ’s nachts… da wete’k… mijn moedere heet da nog verteld… ‘t ’s nachts zeien ze, z’hoordigen brood kneden en wassen mee machienen en ‘t ’s nuchtings (’s morgens) stond alles weer op under plaatse. En dat is echt.
Beschrijving
Op een Tempeliershof hoorde men 's nachts geluiden alsof er brood werd gekneed en met een wasmachine werd gewassen. De volgende ochtend was er niets vreemds te bespeuren.
Bron
O. Mattheeuws, Leuven, 1963
Commentaar
4. Historische sagen
west-vlaams (grens oost- en zeeuws-vlaanderen)
491
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Tempeliershoeve   
Naam Locatie in Tekst
Beernem   
