Hoofdtekst
Dat moet vroeger jaren, heel lang geleden gebeurd zijn toen er nog kastelen waren waar ridders op zaten en de andere mensen, ja die woonden maar in kleine lemen huizekes, wor. Dat was hier in Diepenbeek op het kasteel van Jageneau maar daar is veel aan veranderd wor, de toren is alles wat nog van die tijd overblijft.En die kasteelheer had een heel schone dochter: de schone Alida. Hoe dat toen gebeurd is, weet ik niet meer maar ze hadden het kasteel toch overvallen en de schone Alida meegepakt, dat waren er van Diest, een hoop bandieten. En daar was toch ene die dat meisje wou gaan verlossen en die verkleedde hem in een zanger en hij zong en hij speelde liedjes en die mannen dronken wijn tot ze zat waren. En toen zijn ze gaan vluchten met de schone Alida en die mannen waren zo zat dat ze hen niet konden inhalen, ene van die is nog verdronken in de Demer en dat heten ze daarom 'het Ruiterskoet', daar waar die verdronken is.
Beschrijving
De kasteelheer van Jageneau in Diepenbeek had een mooie dochter met de naam Alida. Toen een roversbende uit Diest op een dag een inbraak pleegde in het kasteel, werd Alida ontvoerd. De man die haar wilde gaan redden, verkleedde zich als zanger. Hij zong mooie liedjes en voerde de rovers dronken. De rovers waren te dronken om de zanger die met Alida was weggevlucht, in te halen. Eén van de rovers is verdronken in de Demer, op een plaats die sindsdien "het Ruiterskoet" werd genoemd.
Bron
W. Achten, Leuven, 1971
Commentaar
6. Sagen - Sprookjes
midden-limburgs
S2
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Alida   
Jageneau (kasteel van)   
kasteel van Jageneau   
Naam Locatie in Tekst
Diepenbeek   
Plaats van Handelen
Ruiterskoet (Diepenbeek)   
Demer   
Diepenbeek   
Diest   
