Hoofdtekst
Kwade hand onder de varkens.Bij Jo waren de varkes ook altij ziek. En da moet waar gewist zijn. Jo ging naar de paters in 't stad, en aan 't Sint Jansplein komt ze ze tegen. "Waar gade gij henne?" zegt ze. "Daar hedde gij geen affaire mei" zegt Jo. As ze terug kwaam, kwaam ze ze weer tegen, maar dan zei ze niks meer. Nauw aai Jo medollekes g'haald enne, enfin dan kwaam Jo thuis en sting ze daar op straat. "Nauw hedde naar de paters gewist, zeker?" zei ze. Jo zei niks, die ging maar deur: die mocht da nie zeggen. Maar dan kost ze bij Joë toch nie meer over den dorpel!
Beschrijving
Op een boerderij waar de varkens altijd ziek waren, besloot de boer naar de paters te gaan. Bij het Sint-Jansplein kwam de boer de heks tegen, die vroeg: "Waar ga jij heen?" De boer zei dat de heks daar geen zaken mee had en ging voort. Op zijn terugweg kwam hij de heks echter opnieuw tegen. Deze keer zei ze: "Je bent zeker naar de paters geweest". Daarna geraakte de heks niet meer over de drempel van de boerderij.
Bron
M. Van den Berg, Leuven, 1955
Commentaar
2.1 Heksen
antwerps (polders ten noorden van antwerpen)
202
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Stabroek   
Plaats van Handelen
Sint-Jansplein   
