Hoofdtekst
Den heksenheuvel, die is daar in de del-weg (glooiing-weg). Daar hebben wij nog een grote wei liggen. Ja, en daar was ook ene keer een vrouw, die heeft ons verteld gehad, enfin, een meisje, een jong meisje van rond de 70 jaar, moet ik zeggen, die is nooit getrouwd geweest: die zei, wij hadden dat land toen, dat was land en wij hadden dat land gekocht, jaren, en toen zei die, wij hadden daar petatten staan, "dat onkruid moogt ge nu niet uittrekken", want hier hebben altijd heksen gezeten en die doen dat terug wassen (groeien). Dat heeft ons toen wel eens die vrouw verteld. Neen, dat mocht, mocht in die maand niet uitgetrokken worden, en dat was van dat gras, van dat tweewasgras zo, hewel en dat mocht niet uitgetrokken worden.
Onderwerp
SINSAG 0580 - Andere Hexenkünste   
Beschrijving
Een ongetrouwde vrouw had een aardappelveld op de 'heksenheuvel'. Het veld stond vol met onkruid. In een bepaalde maand mocht men het onkruid niet uittrekken, want dan zouden de heksen het opnieuw doen groeien.
Bron
P. Knabben, Leuven, 1970
Commentaar
2.1 Heksen
limburgs (maasvallei)
N/XIV/560
fabulaat
Bandopname
Naam Overig in Tekst
heksenheuvel (bij de sluis in Neerharen)   
Naam Locatie in Tekst
Neerharen   
