Hoofdtekst
In Meir werd er verschrikkelijk gespookt. Ene was aan de bediening van een zieke mens. Hij spande de kar in en onderwegen waren allemaal katten op zijn kar gesprongen. Hij kon niet vooruit want de kar hing vol heksen. Hij ging terug naar huis terug ingespannen en onderweg heeft hij niets meer meegemaakt. Aan 't bed van die zieke zat een zwarte kat. Hij sloeg er hene en trof 't achterste been. 's Anderendaags wisten we wie de heks was, want daar was er een in 't dorp die haar been gebroken had, want dat was die kat geweest.
Onderwerp
SINSAG 0640 - Hexentier verwundet: Frau zeigt am folgenden Tag Malzeichen.
  
Beschrijving
In Meer spookte het verschrikkelijk. Een voerman die de laatste sacramenten naar een zieke moest brengen, werd onderweg geplaagd door katten die op zijn kar sprongen. Bij het bed van de zieke zat ook een zwarte man. De voerman sloeg naar de kat en raakte het dier bij de achterpoten. De volgende dag had een vrouw uit het dorp haar been gebroken.
Bron
R. Aertsen, Leuven, 1953
Commentaar
2.1 Heksen
antwerps (noorden van de antwerpse kempen)
205
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Rijkevorsel   
Plaats van Handelen
Meer   
