Hoofdtekst
26 Over de alvermannekes. Het waren niet allemaal trieste verhalen over de mergelgrotten. De alvermannekes waren goede geesten die de mensen behulpzaam waren en ’s nachts rondwaarden door het dorp voor hun goede daden. Als kinderen werd ons wijs gemaakt dat als we de tinnen lepels en vorken buiten zetten, samen met een beetje eten, de alver… wij de volgende dag de lepels gekuist aan de deur zouden terugvinden. Waarschijnlijk waren de alvermannetjes verhuisd. Wij hebben het uitgeprobeerd, maar de volgende dag moesten we toch zelf aan het schuren gaan. Ik zie dat ik dat toch helemaal verkeerd heb geschreven.I Hoezo?26 Het volgde zich niet, dingen die ik vergeten ha. Maar ik heb het veranderd terwijl ik sprak.
Onderwerp
SINSAG 0063 - Die hilfsbereiten Zwerge arbeiten in der Nacht für die Menschen für Nahrungsmittel (Tabak, Geld)   
Beschrijving
De alvermannetjes waren goede geesten. Men geloofde dat ze 's nachts de tinnen vorken en lepels kwamen poetsen in ruil voor wat voedsel. De volgende ochtend bleek het werk echter toch niet gedaan te zijn.
Bron
H. Schoefs, Leuven, 1996
Commentaar
1.2 Aardgeesten
limburgs (groot-riemst)
26H 400
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Kanne   
