Hoofdtekst
Da was ’n boer en je verkocht z’n ziele an den duuvel voe rieke te worden en de zeven vette jaren kwamen en je wierd smoorrieke en j’a de schoonste beesten van de streke. Achter die zeven jaar kwam den duuvel achter hem mo je voend ’n truuk uut. Je neep den duuvel vaste me z’n steert tuschen de boomwortels. Je wierd nie meegepakt mor al z’n schone beesten waren weg.
Beschrijving
Een boer had zijn ziel aan de duivel verkocht in ruil voor zeven jaar rijkdom. De boer werd schatrijk en bezat de mooiste dieren uit het ganse dorp. Toen de boer zeven jaar later door de duivel werd gehaald, zette hij de duivel met zijn staart vast tussen de boomwortels. Daardoor werd de boer niet meegenomen. Maar al zijn mooie dieren waren wel verdwenen.
Bron
M. Vander Cruysse, Leuven, 1965
Commentaar
3.1 Duivels
west-vlaams (n van brugge)
682
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Sint-Kruis   
