Hoofdtekst
Aan 'Paspoel' was de sjoofhoot. Om tien uren alle daag (= dagen) hing doa ene verlichte doodskop in ene boom en de minse hadden bang. Mè op enen avond kwam mijne groot-pa voorbij, die ging thuis, en die zei: 'ich zal hem uithalen.' En he ging in de wei, mè zijn haren stonden rech(t) omhoog op zijn kop van de schrik. Weiter (= toen hij) t' raan kwam was het een uitgeholde kroot. - 'Nu heb ich de sjoofhoot'! ' zeiter.
Onderwerp
SINSAG 0220 - Andere Begegnungen mit dem Feuermann
  
Beschrijving
Bij de 'Paspoel' hing elke avond omstreeks tien uur een verlicht doodshoofd in een boom. Omdat de mensen bang waren, besloot een moedige man het vreemde voorwerp uit de boom te halen. Het doodshoofd bleek een uitgeholde kroot te zijn.
Bron
M. Dreezen, Leuven, 1967
Commentaar
1.3 Vuurgeesten
limburgs (tongeren en omstreken)
156
Grootvader van de informant
fabulaat
Naam Overig in Tekst
Paspoel (Koninksem)   
Naam Locatie in Tekst
Koninksem   
