Hoofdtekst
P.P. die op de “Zevenhoek” wonegen was van Outer afgekomen – dat was ook een scha (eigenaardig) man die overal nog liep – en voorbij de kapelle was er altijd een katteken tussen zijn benen, en hij kreeg zukken ne schrik dat er hij af gestorven is. En aske op dat katteken slaat, slaat ge of stikt ge die mens, zeggen ze.
Onderwerp
SINSAG 0594 - Verwandlung von Hexentier in Frau erspäht.
  
Beschrijving
Een eigenaardige man die ’s avonds vaak op pad was, werd bij een kapelletje geplaagd door een kat die de hele tijd tussen zijn benen liep. De man werd zo bang dat hij van angst stierf. Als men zo’n kat zou slaan, dan zou men in wezen de persoon slaan die zich in dat dier had veranderd.
Bron
M. Van Der Linden, Leuven, 1964
Commentaar
2.1 Heksen
oost-vlaams (denderstreek)
193
fabulaat
Naam Locatie in Tekst
Voorde   
